En toen was alles anders

Gezellig winkelen. Het tasje met nieuwe kleren zwaait tussen ons in. We babbelen er vrolijk op los. Net als anders. We besluiten eerst even een broodje te halen en kopen een heerlijke sandwich met kip en avocado. Terwijl we aan een tafeltje gaan zitten klinkt er een sirene. We blijven rustig zitten. De brandweer of waar de sirene van is zal zo wel langs rijden. Ik kijk even om, het duurt wel lang. Een vrouw maakt oogcontact en kijkt me angstig aan. Ze stapt naar voren, maar drentelt snel weer terug. Ik neem nog een hap terwijl ik naar de vrouw blijf kijken. ‘Iedereen naar buiten!’ wordt er omgeroepen. We staan op en lopen de straat op. Mensen met hesjes en lijsten tellen hun personeel. Alle winkels sluiten de deuren. De mevrouw komt naar me en vraagt of ik het weet. ‘Wat weet?’ vraag ik haar. ‘Ze schieten, er is een schieting gaande!’ Anouk kijkt me verbaast aan. Ik herhaal wat de mevrouw tegen me zei. We kijken om ons heen. Tjah, welke kant moeten we dan nu op? Ik vraag een mevrouw in een oranje hesje of zij meer weet. Ze vertelt ons dat het brandalarm af gaat. We halen opgelucht adem. Zie je wel, niks aan het handje. Tot we ook deze mevrouw iets horen zeggen over ‘schieten’. Terwijl het personeel terug de winkel in wordt geroepen horen het geluid van een schot. Nou grapt Anouk, misschien is het toch waar. Vervolgens horen we weer een doffe knal. We kijken elkaar en besluiten het geluid te negeren en toch maar weer verder te winkelen. Vast vals alarm, we horen spoken!

Het valt ons op hoe leeg de straten zijn. Voor de h&m zien we een tiener meisje die zowat ín haar moeder kruipt. Ze willen de winkel binnen gaan, maar de deuren zitten dicht. Bang kijkende mensen staan binnen achter de rekken. Niemand waagt zich naar de deur en een personeelslid schudt zijn hoofd dat ze ook niet open gaan. Anouk en ik lopen naar de mevrouw en vragen of zij misschien weet wat er aan de hand is. Eindelijk horen we alle feiten! Er was echt een schieting gaande in twee verschillende moskeeën en de daders lopen nog vrij rond. We moeten binnen schuilen en de hele stad is lock down.

We kijken om ons heen. Waarheen? Toch maar naar huis. Dat is maar een kwartiertje lopen. Als is een kwartier erg lang als je weet dat er schutters zijn. Terwijl we door de lege straten lopen opent een bar haar deuren en een meneer loopt naar buiten en neemt ons vervolgens snel mee naar binnen. Gelukkig. Wij zijn in ieder geval veilig! We ploffen neer en bestellen een koffie. Er is wifi en terwijl we verbinding maken met onze mobieltjes lezen we met steigende verbazing het nieuws! Vooral het feit dat er zo’n twintig minuten geleden nog schoten waren gelost. Terwijl we elkaar aankijken beseffen we dat die schoten die we dachten te horen, echt waar waren! Beangstigend als je alles zo beseft.

We worden door verschillende mensen gebeld en krijgen berichtjes of we veilig zijn. Ja… Wij zijn veilig, maar zoveel mensen niet! Mensen zijn geshockeerd, moeten huilen. Hoeveel mensen hebben vandaag het bericht gekregen dat hun geliefde niet meer leeft? Hoeveel zijn er gewond? Hoeveel getraumatiseerd? Langzaam maar zeker trekt het besef van wat er gebeurd is en wat nu nog gaande is door het land. Ongeloof en verdriet vult de mensen. Dit is een zwarte bladzijde in de geschiedenis van Nieuw Zeeland zegt de prime Minister. Ja, dat is het echt!

En daar zitten we nu… Al uren in een bar in het centrum van de stad. We wachten maar gewoon. We houden het nieuws bij en kijken uit het raam naar de lege straten. Wachtend tot we het bericht krijgen dat het veilig is om terug naar huis te gaan.

Velen zullen nooit meer thuis komen. Voor velen zal deze dag hun hele leven veranderen. We waren aan het winkelen, zo gewoon, net als anders. Mensen waren in de moskee aan het bidden, zo gewoon, net als anders. Een enkel moment, door de keuzes van andere, zieke mensen zijn zoveel levens opeens, zomaar, vanuit het niets verwoest. Niets zal ooit meer zo gewoon zijn voor deze mensen. Net als anders, nee nooit meer.

Wij zijn dankbaar dat wij veilig zijn. Maar oh, wat voelen we mee voor iedereen die hier persoonlijk bij betrokken zijn geraakt. En wat heb ik een respect voor alle hulp troepen die daar buiten bezig zijn om voor onze veiligheid te zorgen. We zijn vervuld met ongeloof, verdriet, onmacht. Onze diepste condoleance voor iedereen die iemand verloren hebben.

(We zijn thuis nu. Alle deuren en ramen houden we dicht. 4 mensen zijn gepakt, 1 is er vrij)

Van noord naar zuid

Het noorder eiland hebben we afgesloten. We hebben er uiteindelijk zo’n 3 weken over gedaan. Nadat we naar Cape Reinga zijn gereden (zie vorige blog), zijn we doorgegaan naar Coromandel. Een prachtig gebied in het noorden. We hebben hier weer zoveel moois gezien! Schitterende stranden, de coastal road was waanzinnig. We reden letterlijk een paar meter naast de zee, terwijl de weg er langsheen slingerde met aan de andere kant heuvels en bergen. De uitzichten waren fenomenaal! We zijn naar hot water beach gegaan, waar onder het strand vulkanisch gesteente ligt. Dit warmt het water onder het zand op en hier kunnen kokend hete water poelen ontstaan. We zochten er een uit met een aangename temperatuur en childen heerlijk in onze privé spa. Fantastisch! Een ander waanzinnig mooi strand was Cathedral Cove. We liepen in een uurtje naar dit strand toe en kwamen uit bij een strand met bijzondere rotsformaties. Door een jarenlang erosie proces was er een gigantisch groot gat ontstaan waardoor twee stranden verbonden met elkaar waren geraakt. Helder blauw water, wit zand. Paradijselijk mooi. Ons hoogte en dieptepunt tegelijkertijd was het hiken van de Pinnacles. Als Anouk en ik ergens niet van houden, dan is het hiken en al helemaal niet berg opwaarts. Toch… Als het de moeite waard is doen we het. We begonnen vol goede moed. Een hike van 6 uur met een tas vol snoepjes om onszelf te stimuleren. Het begon ook allemaal makkelijk. Leuke paadjes met rotsen, bergmeertjes en leuke bruggetjes over het water. Tot het klimmen begon. Het werd een groot drama. Alles ging via rotsen, trapsgewijs naar boven toe. Grote stappen tot onze spieren het niet meer aankonden en we ons met moeite omhoog moesten drukken. Toen we eindelijk, eindelijk boven aan waren gekomen stond ons een verrassing te wachten. Om tot het topje van Pinnacles te gaan, moest je nog 50 min extra, via een trap naar boven lopen. De bossen hadden we achter ons gelaten en de zon brandde genadeloos op onze schouders. Uitgeput en bezweet kwamen we boven aan. Het uitzicht maakte een deel van de helse klim weer helemaal goed. We kwamen er alleen achter dat naar beneden gaan nog vermoeiender was dan naar boven. We beloofden elkaar om nooit, nooit meer zoiets te doen.

Nadat we dit gebied helemaal doorgespit hadden en alle must sees gezien hadden reden we terug naar de Mount. We logeerden een paar nachtjes in het appartement van Felipe, die verhuist was uit het hostel en nu opzichzelf woonde. Het was heerlijk om weer even terug te zijn! Om over straat te lopen en door alle vertrouwde gezichten begroet te worden. De locals die elke dag om 4 uur een biertje bij Fish Face gingen doen die me knuffelden en vertelden hoe ze me misten. Het hostel met alle lieve mensen die er nog woonden. Om weer feestjes mee te pakken die om de idioot vroege tijd van 1 uur allemaal afliepen, want alles sluit nu eenmaal om 1 uur in de Mount. Nog meer dan voorheen besefte ik hoe erg ik de Mount ben gaan waarderen. Het waren heerlijke dagen! Weer even lekker binnen slapen, onze was kunnen doen, elke dag kunnen douchen. Ja, de Mount is echt als een thuis gaan voelen.

We reden door naar Rotorua na een verdrietig afscheid. Toch verliet ik dit keer de Mount met nog meer goede herinneringen en een nog beter gevoel dan de eerste keer. We reden naar Wai-O-Tapu, een park met vulkanisch gebied. Een van de meest indrukwekkende en bizarre dingen die ik ooit gezien heb. Aangekomen was het eerste wat ons opviel de doordringende stank overal. Het rook overal naar rottende eieren. Er was een look out en vanaf daar konden we een gedeelte van het gebied overzien. Overal om ons heen cirkelde er rook op uit de grond en uit de rotsen. We gingen het park naar binnen om alles van dichtbij te bekijken. Geel uitgeslagen rotsen door het sulfer, een meer zo groen dat het nep leek. Door de mineralen in het water heeft het een intens heldere kleur. Een meer waarin het water 100 graden was, waarbij grote rookpluimen over het water dreven en een verzengde hitte met zich mee bracht. Aan de rand van het meer was het gesteente fel oranje uitgeslagen. Poeltjes met modder erin die bubbelden bij de hoge temperaturen. We zagen een geiser meters hoog water opspuiten. Het wat onnatuurlijk, dit natuur gebied. Verder zijn we nog naar een Maori village geweest waar we op culturele en traditionele wijze gegeten hebben. We leerden ontzettend veel over de Maori cultuur, wat heel gaaf is. Nu weten we nog meer over de geschiedenis van dit mooie land.

Vervolgens was Taupo aan de beurt. We begonnen het gebied te verkennen vanuit de lucht. Omdat het mijn derde skydive was, vroeg mijn instructeur of ik dit keer met een backflip uit het vliegtuig wilde springen. Alsof je daar nee tegen kunt zeggen! Het deurtje ging open, we gingen op de rand zitten en we lieten ons vallen. De wereld tolde om ons heen, tot we met een enorm geraas naar beneden stortten. Heerlijk! Dat gevoel is ZO vrij. Ik opende mijn armen en vloog als een vogel door de lucht. Vervolgens opende de parachute en kon ik de omgeving goed verkennen. De instructeur wees me de vulkaan Tongariro aan. Het meer was goed zichtbaar met de bergen eromheen. Veel te snel stonden we weer aan de grond. We genoten van hotsprings waar we met een boekje in een waterpoel gingen zitten, terwijl er vanaf een waterval warm water stroomde. We zagen de Huka river, met ijsblauw water, zo helder! Ook kwamen we precies op het goede moment aan bij een rivier waar de dam net geopend werd, de aratiatia rabbits. We konden een schitterende voor en na foto maken en zagen hoe met ongekende kracht het water door de rotsen stroomde. Taupo is een prachtig, prachtig gebied waar heel veel te ontdekken valt.

Na Taupo zijn naar Raglan gereden. Een klein, schattig surf dorp wat ons aan Byron feed denken. We gingen boodschappen doen om naar een camping dicht bij de Tongariro te rijden. En terwijl we in de supermarkt waren liepen we tegen 3 jongens aan waarmee ik had samen gewoond in het hostel. Vanaf die dag zijn we samen opgetrokken. We doen ons eigen ding, maar combineren zoveel mogelijk. We moeten ook wel ons eigen plan blijven trekken want Andrew en Ryan zijn meer stoned dan helder en hebben geen flauw idee wat er om hen heen gebeurd. Het is geweldig om een stukje Mount dichtbij te hebben. Emil en ik zijn altijd al vrij close geweest. Daar gingen we dan. Twee Nederlanders, een Canadees, een Zweed en een Engelse.

De tongariro crossing is een van de bekendste hikes in Nieuw Zeeland. Het is een route van afgerond 22km en je moet in het begin stijl de berg op. Toch vonden Anouk en ik deze beter te bewandelen dan de Pinnacles. Stijle stukken wisselden af met goed begaanbare paden. We begonnen heel vroeg in de morgen. Prachtig om zo de zon te zien opkomen! Het was maar 3 graden en we hadden dikke lagen kleding aan. We hebben alles gelopen in zeven uur tijd, wat heel netjes is. Zeker voor ons! We haalden het gewoon in de gemiddelde tijd! Onderweg hadden we het geluk dat we een professionele fotograaf tegen waren gekomen die een prachtig plaatje van ons schoot. We verwachtte een meertje te gaan zien als we aan de top gekomen waren. Helaas was alles zwaar bewolkt. We konden maar een paar meter van ons af kijken. Maar al het geluk van de wereld zat ons weer eens mee dat precies toen wij boven waren de zon doorbrak! Om een gifgroen meer te zien op de top van een berg is echt om sprakeloos van te worden. Aan de rechterkant zagen we weer overal rookpluimen uit de grond opstijgen. We stonden natuurlijk ook boven op een vulkaan, maar dat konden we nu ook echt goed beseffen. Echt een van de mooiste hikes die we ooit hebben gedaan!

Na de tongariro crossing reden we met maar één stop (bij een Nederlands winkeltje in Foxton waar we een kroket, frikadel en patatje oorlog aten) door naar Wellington. Het was er gigantisch druk omdat Eminem een concert gaf. Gelukkig was een heel lieve oudere meneer zo vriendelijk om ons op zijn oprit te laten parkeren. We douchten in het hostel en sliepen in het midden van het centrum op een oprit. Perfect! Terwijl we bij de douche stonden te wachten kwamen we Jack en Katie tegen. Twee mensen die ik ook weer kende uit Mount Maunganui. Niet slapen in het hostel, maar wel gebruik maken van de faciliteiten en elkaar daar precies tegenkomen! Kleine wereld. Het was zaterdag en met een grote groep, allemaal mensen uit de Mount zijn we uit gegaan. Ouderwets gezellig en het was een verademing in een stad te zijn waar eens een keer niet alles om 1u dicht gaat. Wellington deed ons denken aan Melbourne. We vonden het heel fijn in de stad te verblijven, koffie tentjes, markten, strand, winkels. Echt weer even terug zijn in een stad. Er is ook een museum die schitterend opgezet is. We spendeerden 2 dagen in het museum om alles goed te kunnen bekijken. Indrukwekkend en leerzaam. Wellington is een winderige, maar oh zo gezellige en knusse stad!

En toen was het tijd om de overtocht te maken. Met de ferry naar het zuider eiland. Terug naar het eiland waar ons Nieuw Zeeland avontuur afgelopen juli begon. Terwijl de zon langzaam ondergaat, de dolfijnen voor de boot uitspringen zien we de bergen afsteken aan de horizon. We laten het noorder eiland achter ons. Daar, waar ik een thuis gevonden heb in dit land. Daar waar ik zoveel nieuwe contacten opgedaan heb. Daar, waar ik voor het eerst weer sinds jaren gevoelens kreeg voor een man. Daar, waar ik voor het eerst echt van Nieuw Zeeland ben gaan houden. Ik laat alles achter, maar neem ontelbaar veel herinneringen mee. En het avontuur is nog niet afgelopen! Op naar het zuiden! Reis je mee?

Ontwaken aan de zee

Langzaam ontwaken we. Natuurlijk, rustig bij het geluid van de golven die breken op het strand. Het gordijn wordt open geschoven en laat een schitterend uitzicht zien. De auto staat geparkeerd aan de voet van het strand. Ronde, sierlijk golven, de eerste surfers al in het water nog voor de zon op is. Witte schuimkoppen rollen het zand op en zeemeeuwen vliegen krijsend over. De zilte zoute geur van de zee wekt ons uit bed te komen. Zo wakker worden is voor ons het echte leven.

De eerste dagen reizen zitten erop. Het is ongelooflijk wat we allemaal al gezien hebben! Nadat Anouk ophaald was van het vliegveld sliepen we twee nachten in Auckland. Toen ik in Nieuw Zeeland aankwam had ik bij Daniel gecouchsurfed en hij verwelkomde ons weer hartelijk. Voor Anouk ook fijn om even bij te tanken in een tweepersoonsbed voordat we een bed zouden inwisselen voor ons huisje op wielen. We zijn een uurtje de stad Auckland in geweest maar wisten niet hoe snel we weer weg moesten zijn. Die drukte is niets voor ons!

Via de westkust reden we naar boven toe. We stopten bij Kaiiwi lakes en genoten van een duik in het water daar. Het water was hemelsblauw! Elke meter die we reden waren we onder de indruk. Het land hier wisselt zich heel snel af in de meest mogelijke diversiteit aan natuur. Schitterende heuvellandschappen, de oceaan, bergachtig gebied begroeid met regenwoud, platteland. En alle kleuren hier zijn zo intens! We parkeerden de auto bij een bos. Ergens hadden we gelezen dat er glowwormen en kiwi’s konden zitten dus wilden we een nachtwandeling maken. Twee meiden in een groot donker bos. We waren vreselijk bang. Nadat we enkele minuten gelopen hadden zagen we allemaal kleine lichtpuntjes om ons heen. De glowwormen gaven een magisch effect. We wilden erna eigenlijk terug rennen naar de auto, maar we liepen toch nog even door. Een stelletje liep voor ons en maanden ons tot stilte. Kiwi’s zijn nacht dieren en anders zouden we ze wegjagen, zo vertelden ze. Professioneel uitgerust liepen ze te zoeken. Ze hadden zelfs speciale rode nachtzoekers. We raakten onder de indruk en hadden niet verwacht dat het zo moeilijk zou zijn een kiwi te zien. De man vertelde ons plechtig dat we 80% kans hadden in dit bos er toch een te zien. We liepen door. Onprofessioneel, lachend en een beetje bibberend doordat het zo donker was. De mensen lieten we snel achter ons door het hoge tempo waarin wij liepen. Tot we opeens geritsel hoorden in de bosjes. Anouk greep me bij de arm. Verstijfd bleven we staan. Het klonk alsof er een mens in de bosjes zat, onze grootste angst! Het geritsel klonk nu heel dichtbij en een takje brak. We gaven een gil van schrik en riepen naar elkaar dat we NU het licht aan moesten doen. We zetten ons licht op onze telefoon aan en schenen op de grote boze man die we verwachtte te zien. Een klein gepluist vogeltje met een lange snavel staarde ons aan terwijl hij ingedoken tussen de struiken zat. We barsten in lachen uit. Een kiwi! Het is een kiwi! Het beestje maakte zich snel uit de voeten. Wij hadden genoeg adrenaline voor deze nacht en gingen op een draf terug naar onze auto. Onderweg kwamen we de professioneel uitziende kiwi zoekers tegen. Ze hadden nog niks gezien en waren nog druk bezig met hun rode zoeklichten in alle ernst en stilte. Even later kwamen er nog een Nieuw Zeelands echtpaar tegen. Ze waren hier geboren en getogen, 68 jaar oud en hadden nog nooit een kiwi in het wild gezien. En de twee Nederlandse meiden die al gillend, lachend en met alle lichten aan onvoorbereid het bos in waren gegaan? Die hadden er wel een gezien! Met een voldaan gevoel zijn we gaan slapen.

We zijn helemaal naar het puntje van het land gereden. Cape Reinga, ontdekt door Dutchie Abel Tasman en door hem op de kaart gezet. Een eeuw later is Captain Cook er aan land gegaan om contact te maken met de eiland bewoners. Ook nu weer was de hele weg er naar toe onbeschrijfelijk mooi. We kunnen er niet overuit hoe snel de landschappen zich afwisselen en hoe divers dit land is. Zo mooi, zo vreselijk mooi! Iedere bocht in de weg bracht een nieuwe verrassing met haar mee. Ieder uitzicht, zo anders. Je zou het willen vast leggen maar zelfs hoe de mooi de foto’s ook zijn, het in levende lijve ervaren is honderd keer zo mooi. Het is de hele setting, alle kleine details die het geheel zo machtig mooi maken. Genietend liepen we rond, lazen we alle informatie borden en zogen we de omgeving in ons op. We parkeerden de auto aan het strand, zette ons kamp op en met een boek en een biertje sloten we weer een fantastische dag af terwijl de zon langzaam achter de bergen verdween.

Nadat we het hoogste punt bereikt hadden was het tijd om af te zakken naar het zuiden. We reden terug via de oostkust. We stopten bij coca cola lake, een meer wat donker bruin/ rood gekleurd was door de mineralen in het water. We reden door naar Paihia een schattig klein kust dorpje met een heel fijne sfeer. We liepen een hostel binnen om de douche te gebruiken die we al in drie dagen niet gezien hadden. Tapten wifi bij het informatie centrum en reden naar een waterval. Een aqua blauwe oceaan tot een waterval in 5 minuten tijd rijden. In dit land is alles mogelijk! We hadden dit keer geen geluk met onze slaapplek en parkeerden op een verlaten parkeerplaats langs de kant van een weg. Een rusteloze nacht, maar we konden er achteraf ook wel om lachen.

We spendeerden een andere dag in Paihia. De ferry overtocht duurde een kleine 20 minuten en we kwamen aan op het meest schattig eilandje Russell. We dachten dat het een eilandje was, maar het zat gewoon vast aan het vasteland, maar het ademde de sfeer van een eiland uit. Schitterende olijfbomen aan de kant van het helder water, witte huisjes met houten veranda’s en bloeiende bloemen. Het tafereel deed ons denken aan de film Mamma Mia. Hier zomaar rondstruinen was een genot. We liepen naar een uitzicht punt, kregen een lift aangeboden naar het mooiste strand toe. Daar lagen we zomaar uren te zonnen en onze boeken te lezen. Helemaal ontspannen keerden we weer terug naar Paihia. We pikten de auto op en reden een uurtje naar beneden. En daar… Vonden we deze mooie camping plek.

De zon is intussen al op. De mensen om ons heen ontwaken nu ook. Koffie geuren vermengen zich met de zilte geur van de zee. Onze buurman biedt ons ook een kopje aan. Vandaag rijden we weer verder, staan er grotten op de planning. Maar eerst genieten we nog even van het rustige ontwaken aan de zee.

Afscheid nemen bestaat niet

Afscheid nemen is iets waar ik echt niet goed in ben. Het verstikkende overweldigende gevoel dat ik iets verlies vind ik afschuwelijk. Ik ben er ook zo klaar mee om telkens weer afscheid te moeten nemen. Bijna zou ik wensen gewoon lekker thuis te zijn. Een simpel leven te leiden. Vertrouwde mensen om me heen die hetzelfde werk doen, op dezelfde plek wonen en bovenal die niet uit mijn leven vertrekken. Of jezelf gewoon nooit meer hechten aan mensen zodat je niet meer hoeft te voelen.

Maar liefhebben is te mooi om niet meer te voelen.

De laatste week in de Mount was een hectische week. ’s Ochtends vroeg zat ik in de receptie. Mijn handdoek zat nog op mijn hoofd gewikkeld na mijn douche en mijn mascara zat uitgelopen onder mijn ogen. Een nachtje doorhalen en de volgende ochtend om 8u klaar zitten om te werken vroeg per direct haar tol. Alles had ik verwacht, behalve dat Rory de receptie binnen zou lopen. Backpack op zijn rug, grote grijns op zijn gezicht, zijn schouders breed en armen gespierd. Met grote ogen staarde ik hem aan om hem vervolgens in de armen te vliegen. Hij kwam in het hostel wonen verklaarde hij even later. Hij had veel gewerkt, was thuis in Engeland geweest en had veel gehoord over Mount Maunganui. Een jaar geleden woonden we allebei in Byron. We hadden dezelfde vrienden en gingen veel met elkaar om. Ik was helemaal weg van hem en onverwacht dook hij weer op in mijn leven. En wat een timing nu ik net met Felipe samen was.

Die avond gingen we met elkaar op stap om bij te kletsen onder genot van wat drankjes. Ook Sam arriveerde, met Amy en Cam. Andere vrienden van ons uit Byron die met hem ook in de Mount wilde wonen. En Sonni en Cornelia stuurden een berichtje dat ze twee weken later zouden komen. Helaas zou ik hen net mislopen. Heel Byron verhuist opeens naar de Mount, precies op het moment dat ik klaar ben om te vertrekken! Jammer, maar misschien ook goed. Het verleden met heden mixen kan leuk zijn maar ook heel verwarrend.

De avond verliep veel te snel en alle bars sloten. We liepen terug naar het hostel. Terwijl we samen naast elkaar tanden stonden te poetsen ontmoeten onze ogen elkaar. Ik zuchte diep en vertelde hem dat hij trouble voor me betekende vanaf de eerste seconde dat hij voet over de drempel zette. Hij sloeg zijn armen om me heen en vroeg of we konden oppikken vanwaar we gebleven waren in Byron. Mijn hele lichaam reageerde op het vertrouwde gevoel van zijn omhelzing, maar in mijn hoofd riep een stemmetje een andere naam. Iemand die ik pijn zou doen als ik dit gevoel zou volgen. Ik zei nee. Met moeite. Maar ik heb het gezegd. En terug kijkend nu is het een goede beslissing geweest.

De hele week was intens. Twee mannen om me heen die beide leuk zijn op een andere manier. De ene dag maakte de een ontbijt voor me, de andere dag de ander. Ik vertelde ze allebei alles en gelukkig konden de jongens het prima vinden met elkaar. Het is gek hoe het leven soms kan lopen. Hoe toeval soms zo zijn beloop gaat. Of zijn dit kleine prikjes in het leven, een test in het maken van keuzes?

Mijn laatste werkdagen braken aan. Weer een periode afgesloten. Een baan als receptioniste in het hostel en serveerster/bar in een klein, lief restaurant. Twee nieuwe ervaringen erbij in het leven en wat heb ik ervan genoten. De locals in het restaurant knuffelen me afscheid, bedanken me voor de goede tijd en ik bedankte hen voor hun toffe bijdrage in mijn tijd in de Mount.

Ik loop een laatste keer naar het strand. Zuig de omgeving in me op. Het blauwe water, de berg zo mooi groen begroeid. Ik loop een laatste rondje door het hostel. Aai een laatste keer Ondo, de kat. Deel laatste knuffels uit. Ik geef een kus, nog een een nog een. Druk mijn neus in zijn hals en snuif zijn geur nog een keer op. En dan is het tijd om te vertrekken.

De hele weg naar Auckland huil ik. Ik haat afscheid nemen. Het is iets waar ik ZO slecht in ben. Maar wat heb ik ook veel lief gehad. Ik ben gehecht geraakt aan een plek en aan mensen, zo mooi en zo intens. Ik heb een thuis in Nieuw Zeeland mogen leren kennen, een plek waar ik lief en leed kon delen.

Mount Maunganui is mijn plekje. Mijn Byron in Nieuw Zeeland. Ik ga het ook weer zo missen, maar er ligt ook weer zoveel open voor me! Afscheid nemen is iets naars. Elke keer weer. Maar deze week heeft me laten zien dat het leven soms verrassingen in de petto heeft. En soms ontmoeten verleden en heden elkaar weer.

Wie weet…. Zou ik hem ooit nog terug zien?

Friends with benefits

Soms ontmoet je iemand waarvan je vooraf weet dat het ‘m niet gaat worden. Toch heb ik mezelf ermee mee ingelaten. Iemand uit het hostel. Hij past totaal niet in het plaatje wat ik in mijn hoofd heb. Hij komt uit een land waar ik nog nooit geweest ben. En zijn cultuur begrijp ik al helemaal niet. Maar die middag ergens eind november dat ik aan de keukentafel kaartjes naar huis zat te schrijven en hij iets aan het maken was om op te sturen naar zijn 7 jarige broertje, raakten we aan de praat.

Samen zijn met hem is comfortabel. Hij is lief en enorm zorgzaam. Eindeloze gesprekken. Ik kan alles vragen, al krijg ik niet op alles antwoord. Hij doet zijn ding, ik doe mijn ding en wat we samen kunnen doen, doen we samen. We werken in hetzelfde restaurant en wonen in hetzelfde hostel. Behoorlijk intens zegmaar.

Vrij wil ik zijn en vrij wil ik blijven. Het is leuk zoals het nu is, maar met een reisleven komt er een dag van afscheid. Ik heb hem daarom verboden om meer te gaan voelen, al is dat volgens mij niet helemaal gelukt. Als liberale Nederlander die weet wat ze wilt merk ik ook dat mijn karakter en mijn cultuur dag en nacht verschillen met die van een Latino. En dit kan soms tot een flinke discussie lijden. Maar om eerlijk te zijn geniet ik er ook weer van. Ik kan heerlijk helemaal mezelf zijn.

Het irritante is wel dat hij een enorm trotse zuid Amerikaan is. Eentje die niet snel iets toegeeft. Eentje die vasthoudt aan zijn eigen mening en daar niet vanaf wilt wijken. Ookal is mijn argumentatie ijzersterk. En daar kunnen we dan ruzie over maken. Dat duurt dan een paar dagen en dan praten we het weer uit (en ik was degene die gelijk had natuurlijk, want ik ben natuurlijk absoluut niet koppig).

Hostel leven is flink interessant. En ik heb mezelf in een situatie gemanoeuvreerd waar ik niet zo makkelijk meer uit kom. Volgende week neem ik afscheid en vertrek ik. Verdwijn ik uit zijn leven en hij uit die van mij. Het is lang geleden dat ik iemand zo lang, zo dichtbij gelaten heb. Het voelt goed, vertrouwd en ook een beetje dom.

Terwijl ik in de keuken een eitje sta te bakken loopt hij naar binnen. Donker krullend haar, groene ogen. Hij geeft me een kus, grist een van mijn boterhammen met avocado en kaas van m’n bord en roept ‘See ya tonight, M, I need to run I am late for work’. Met een laatste zwaai verdwijnt hij uit mijn zicht.

Oh ‘M’ waar ben je aan begonnen.

Als hij een toetje maakt voor na ’t werk

Dit uitzicht

Daar, waar je je eigen gedachten kunt horen

Kerst, Oud & Nieuw. De feestdagen zijn weer voorbij. Een nieuw jaar is weer begonnen. Het is ongelooflijk wat een jaar allemaal kan brengen. Elke keer vliegt het weer voorbij en elke keer weer is er zoveel gebeurd en is er zoveel veranderd.

Een jaar geleden vierde ik Oud en Nieuw in Sydney. De mooiste vuurwerk show die ik ooit gezien heb. Ik woonde in Byron Bay, mijn thuis. Mijn alles. Ik leefde in een paradijs, werkte als een reis agente en had de beste tijd in mijn leven. Dianda kwam me opzoeken. Samen met Anouk en Dian vertrokken we. Het afscheid was intens. Een plek verlaten die zo geliefd is geworden is moeilijk. Maar de herinneringen die gemaakt zijn, zijn me alles waard. We vertrokken en reden in onze Juicy car in een maand naar Melbourne. Onderweg bestond ons dagelijkse leven uit stranden, bergen en ongekende vrijheid. Wat hebben we een geweldige tijd gehad. Anouk en ik vlogen naar Perth. Daar pikten we een nieuwe huur auto op. Een 4×4 met een rooftop tent op het dak. Met twee andere Nederlandse meiden, Bettina en Julie reden we eerst naar beneden naar Esperance en toen helemaal naar boven naar Darwin. De westkust van Australië is het mooiste en meest ongerepte stuk wereld wat ik ooit gezien heb. Karijini National Park is mijn favoriete, maar wat heb ik ook genoten van Broome en zwemmen met de walvis haaien was een hoogtepunt. Ja, de west kust van Australië is zoooo bijzonder! In Darwin aangekomen vloog Milla naar ons toe. Nadat we de krokodillen in het hoge noorden overleefd hadden gingen we naar het midden van Australië en tikten we de Uluru van onze bucketlist. Daar aangekomen realiseerden wij ons dat ik niet 2 maar nog 5 dagen over had op mijn visum dus vlogen we terug naar Byron. Vanuit daar verlieten we het land om naar Nieuw Zeeland te vliegen.

Nieuw Zeeland begon voor mij met veel struggle. Een baan zoeken lukte niet. Het duurde en volle week en toen werkte ik op een plek waar ik totaal niet naar mijn zin had. We vonden gelukkig wel een huis op de meest perfecte locatie, maar wat was het er koud. Uit bed gaan was een ramp, maar ’s avonds erin gaan ook en overdag was het ook koud. Na een jaar in gemiddeld 30 graden geleefd te hebben viel de winter me zwaar. Ik besloot na drie maanden het op te geven en naar Mount Maunganui te verhuizen. Meteen kwam ik tot rust bij het zicht van de oceaan. De zilte zoute lucht, de zon op mijn huid, surfers in het water, de bergen die afstaken tegen de horizon.

Maar op de eerste dag dat ik daar aankwam stierf opa. En de dag erna zat ik in het vliegtuig naar Nederland. Na 15 maanden daar niet meer geweest te zijn was het, ondanks de verdrietige reden, ongekend fijn om echt even thuis te zijn. En thuis heeft nog nooit zoals thuis gevoelt als in die drie weken. Om vervolgens terug te gaan naar een land waar het tot die tijd niet helemaal gelukt was het te maken daar, viel heel zwaar. Zeker na een jaar Australië waar ik alleen maar op de pieken van het leven geleefd had! Bijna, echt bijna stapte ik niet in het vliegtuig. Toch ging ik.

Bij aankomst viel alles op zijn plek. Mount Maunganui, werk, de mensen op mij heen. Ik kan mezelf weer echt zo gelukkig noemen! Ik heb het naar mijn zin op het werk, geniet van de mensen om me heen. Soms is het erg druk, zeker met de ongekende vele uren die ik per week draai. En wonen in een hostel is ook niet iets wat ik anderen zou aanraden voor lange tijd te doen. Maar….. Voor de tijd die ik in de Mount heb, is het alles wat ik nodig heb.

Terwijl ik dit schrijf zit ik op het strand. Een klein stukje zand, rotsen en een helder blauwe zee. Bomen reizen op tegen de helling achter me en geven schaduw bij de heerlijke zomer hitte. De zon zakt langzaam in het water. Er ligt een open geslagen boek op mijn handdoek. Twee vissers zie ik in de verte vissen. Jetski’s varen voorbij. Een eigen stukje strand. Helemaal voor mezelf. Daar, waar ik mijn eigen gedachten kan horen. En daar op die plek besef ik dat Mount Maunganui mijn thuis in Nieuw Zeeland is. En daar besef ik dat ik niet veel nodig heb in het leven. Zolang het strand maar dichtbij is. En daar zal ik de komende drie weken wachten tot m’n maat weer terug komt.

En dan….. Is het tijd voor het volgende avontuur. Tijd om Nieuw Zeeland van boven tot onder te ontdekken in onze eigen auto. Tijd om de komende maanden al ons zuurverdiende geld weer uit te geven aan het mooiste wat er is: herinneringen maken voor het leven. En die zijn onbetaalbaar!!

Nieuw Zeeland, eindelijk, eindelijk ga je mijn hart veroveren! Ik begin langzaam maar zeker zoveel van je te houden ❤️

Work hard, play harder

Een leven alleen maar genieten. Alleen maar leuke dingen doen. Elke dag strand. Elke dag een kampvuur als het nacht is. Elke dag nieuwe mensen ontmoeten. Elke dag zon. Elke dag na het douchen geen body lotion maar zonnebrand creme opsmeren. Elke dag genieten. Genieten, genieten.

Deels is het waar. Genieten doe ik, elke dag opnieuw! Ik begin elke dag zoooo moe, maar toch heb ik altijd weer zin om te werken. Ik start het hostel op, geef de kat eten, ruim de lege bierflesjes op die in de woonkamer achter gebleven zijn. Het zand veeg ik op wat achter is gebleven van de mensen die de nacht op het strand hebben gezeten. Ik zet muziek op, een fijne tropical deep house session en zie iedereen wakker worden in het hostel. Een van de jongens maakt altijd wel ontbijt of lunch voor me, een prinsesje ben en blijf ik nu eenmaal. De gasten checken een voor een uit. Ik hou een oogje op de housekeeping, help de wasjes weg werken en check de nieuwe mensen in. Opruimen, schoonmaken en het hele hostel op orde houden is mijn taak. En met allemaal jonge backpackers is dat soms een hele klus. Het leven in een hostel is niet helemaal mijn ding. Ik ben de mammie van de groep en regel alles. Ik heb nooit een plekje of tijd voor mezelf omdat er altijd mensen zijn. Maar met sommige mensen bouw je een fijne band op. Hier zijn mijn maatjes, mensen die je een leven lang niet meer vergeet. Zonder hen zou de Mount de Mount niet zijn.

Vervolgens ben ik om 4 uur klaar en neemt iemand anders mijn shift over. Precies een uur de tijd om te douchen, te eten, om te kleden en mezelf klaar maken voor het restaurant. Klokslag 5 uur begint mijn shift daar. Op dat moment heb ik er al 8 uur lange werkdag op zitten. Het werken bij fish face is geweldig. De mensen zijn er ZO leuk! De eigenaresse Fiona is een geweldige vrouw en Cez haar man is de meest relaxte Braziliaan die er maar is. Als we werken, werken we hard. Er is stress, we rennen, vliegen, maar genieten vooral. De mensen die komen eten zijn lief en waarderen ons werk. Hoe druk het ook is, er is altijd tijd voor een praatje. Je bouwt in een korte tijd iets op met de mensen die komen. Mensen vragen altijd waar ik vandaan kom, hoe ik heet, geven een tip als ze weggaan, een hand, een knuffel. De locals kennen mijn naam en ik die van hen. Als hun glas bijna leeg is weet ik al wat ze willen drinken en voor ze het hoeven te vragen staat het al op tafel. Ik leer koffie te zetten, bier te tappen, bedien, sta achter de bar en help soms in de keuken als het daar te druk is. En na het werk…. Dan gaat de knop meteen om bij iedereen. Elke dag na het werk ruimen we vliegensvlug op en schenken we onszelf een heerlijk glas wijn in en kletsen we na. En na een werkdag van 14 uur is dat het eerste en enige momentje om helemaal bij te komen van de dag.

Elke dag opnieuw. Werkdagen van 14 uur is normaal geworden. Nachtjes van 5 en als ik geluk heb 6 uur. Elke week 60 tot 65u aantikken. En tussendoor? Tussendoor geniet ik. Maar tijdens geniet ik ook. Het backpack leven is het meest heerlijke leven wat ik zou kunnen wensen. En net als alle anderen werken we kei en keihard om dit leven te bekostigen. En straks…. Dan mag ik weer! Dan heb ik weer voldoende geld gespaard om een paar maanden lang alleen maar te reizen. En dan zal ik de berichtjes weer krijgen. Hoe doe je dit toch? Hoe kan het toch dat je zo’n leven hebt? Hoe kan het toch dat je al bijna 2 jaar lang alleen maar aan het reizen bent?

Nou lieve mensen. Dit alles kan, omdat er zo hard gewerkt wordt. En als we dan vrij zijn, dan halen we alles uit het leven wat mogelijk is. Work hard, play harder. Ja, dat is precies hoe het is.