Ik wil niet weg, maar ben bang om te blijven

De berichten volgen elkaar snel op. Zo snel dat ze niet bij te houden zijn. Vorige week begrepen we al wel dat het reizen door Azië niet door zou gaan, maar we dachten dat we nog wel voor een vakantie naar Fiji konden gaan voordat we weer voet zouden zetten in ons kikkerlandje. Het virus heeft Nieuw-Zeeland nu ook bereikt en we hebben geen keuze meer.

We hoorden veel verontrustende berichten vanuit Europa. Veel van jullie belden en berichten of we niet terug moesten komen ‘nu het nog kon’. We waren zo aan het wikken en wegen. Nieuw Zeeland is vooralsnog veilig, alles is nog gewoon open. Elke dag gingen we hoofdpijn naar bed en werden we wakker met een telefoon die vol stond met nieuwe berichten en nieuws updates. De stress zit in ons hele lichaam. De juiste keuze proberen te maken terwijl er geen antwoorden zijn vergt heel veel van iemand. De berichten volgen elkaar snel op. Zo snel dat ze niet bij te houden zijn.

Wakker worden in de liefelijke sferen van Queenstown. Elke dag gereed maken om naar werk te gaan. Veilig wonen aan de andere kant van de wereld. Ik wil hier niet weg! Maar ik ben bang om te blijven. Terwijl alles om ons heen nog vredig doorgaat en het nieuws van het thuisfront kraters om ons heen inslaan, maken we de beslissing om dan toch al onze reisplannen om te gooien en zo snel mogelijk naar huis te komen. We huilen bittere tranen, maar we weten dat het de juiste beslissing is. De berichten volgen elkaar snel op, zo snel dat ze niet meer bij te houden zijn.

We gaan eindelijk voor de verandering met een gerust hart slapen, maar worden wakker in paniek! Grote paniek. Ik schrijf dit met een brok in de keel en ik probeer mijn tranen weg te knipperen zodat ik mijn scherm kan blijven zien. Het begon met een mailtje dat er iets niet goed zat met onze eerste overstap in Australië. Na uren bellen blijkt dat Australië op slot gaat. We waren aan het inpakken en een paar uur later zitten we met onze handen in het haar omdat onze vlucht gecanceld is. Een sms’je van de overheid komt binnen. We hebben 36 uur om het land uit te komen. Maar er zijn geen vliegtuigen.

Ik ga het dorp in. Weer iemand komt gehaast met een koffer in de hand een laatste knuffel geven. Hij heeft een last minute vlucht terug naar huis kunnen bemachtigen, al hing er een prijskaartje aan van duizenden dollars. Ik sta op straat hem verloren na te kijken om vervolgens emotioneel in huilen uit te barsten. Weer iemand die halsoverkop weg is gegaan. Mensen vertrekken overhaast en we hebben geen tijd om afscheid te nemen. Er is geen tijd om het te verwerken. De berichten volgen elkaar snel op. Zo snel dat ze niet bij te houden zijn.

Ik denk niet dat ik woorden kan vinden om het gevoel te beschrijven hoe het voelt om geen ticket te kunnen vinden die terug naar Nederland gaat. Websites die leeg zijn. Bewegingsvrijheid wat ontnomen is. Het lijkt alsof de trein met een steeds sneller tempo de berg afraast. Landen volgen elkaar op, sluiten de grenzen, laten overstappen niet meer toe. Nieuwe regels worden ingesteld, aangescherpt en we krijgen maar een paar uur de tijd om daarin proberen te meebewegen. De berichten volgen elkaar snel op. Zo snel dat ze niet bij te houden zijn.

We zijn hier ooit allemaal alleen gekomen. We hebben onze families en vrienden in ons thuisland achtergelaten en zijn de wijde wereld ingetrokken om ons hier te vestigen. Maar als alle grip op het leven verdwijnt, zekerheid plaats maakt voor onzekerheid, dan wil je terug. Dan wil je echt gewoon terug.

De berichten volgen elkaar snel op. Zo snel dat ze niet te volgen zijn. De straten sterven uit en het wordt steeds stiller hier in Queenstown. Binnen een paar dagen tijd raken we onze banen kwijt, krijgen we te horen dat we vanaf 1 april zonder huis zullen zitten, wordt ons ticket gecanceled en sluiten alle grenzen om ons heen. Daar zit je dan, aan de andere kant. van de wereld. En wie weet hoelang dit gaat duren?

We proberen alles te verzinnen om hier uit te komen. Maar elke sprank hoop wordt de grond in geslagen. Uiteindelijk zal het lukken, daar geloven we sterk in, al weten we niet hoelang dit gaat duren. De onzekerheid knaagt. Ik wil hier niet weg, maar ik ben bang om te blijven. Door alle stress heen, de huilbuien, de onzekerheid van het onbekende hebben we één zekerheid en dat is dat we allebei omringd zijn door lieve vrienden. Vriendschappen hier die zo kostbaar zijn geworden. We hebben elkaar zo nodig nu. En vanuit ook Nederland krijgen we veel steun die we nu heel hard nodig hebben. Lieve meelevende berichtjes, mensen die uren meezoeken naar tickets, lange troostende gesprekken over de telefoon. Het houdt ons overeind en we weten zeker dat, hoelang het ook gaat duren, het ons gaat lukken terug te komen.

De berichten volgen elkaar snel op. Zo snel dat ze niet te volgen zijn. Lieve Anouk, wat ben ik dankbaar dat we hier samen in staan.

Tijd om te gaan…

Het uizicht op de bergen. ’s Ochtends wakker worden met de mistflarden voor de bergen. Een zacht roze gloed boven het meer.

De zonsondergang die de bergen een gouden gloed geven.

De achtertuin waar het altijd warm is. Lekker uit de wind. In het voorjaar konden we overdag skiën en bij thuiskomst in bikini zonnen.

Mijn heerlijke kamer. Ruimtelijke met witte muren, zwarte gordijnen en het grote bamboe schilderij boven m’n bed. Het planken kastje met kaarsjes, plantjes en kaartjes van het thuisfront. De zwarte witte foto’s aan de muur. Het hoekje waar je heerlijk in de kussens kunt zitten. Ooit zat daar een gigantisch gat in doordat we in een dronken bui de schuine muur als glijbaan gebruikten.

De ruime woonkamer en de keuken waar zoveel maaltijden gekookt zijn, taarten zijn gebakken en honderden smoothies gemaakt. Dineren met elkaar na een dag skiën en vele meiden avondjes, kaas platters en gourmet avonden (de buren zijn Nederlands en hebben een gourmet stel). Tranen gelachen en gehuild. Lief en leed gedeeld. Huisfeesten gegeven.

Naar QT gym met Tiree als personal trainster. Esther die regelmatig met ons mee gaat. Een nieuwe gezonde fase van ons!

Werk, waar ik de meeste uren per dag spendeer. McKillen, mijn manager waar ik in het begin niet mee overweg kon. Hij heeft me boos gemaakt, aan het huilen, en vaak aan het lachen, maar wat heb ik vooral veel geleerd van hem. Ik heb hem in mijn hart gesloten, al haalt hij soms het bloed onder m’n nagels vandaan. Maatjes geworden door het jaar heen. Extra verbondenheid doordat we veel herkenden in elkaar doordat we dezelfde soort opvoeding gehad hebben. Naast het werk ook vele avondjes doorgebracht bij de jongens thuis aan Brisbane Street. Nachtjes doorgehaald om daar pas het huis weer te verlaten na zonsopgang en de winkel weer te moeten openen zonder naar bed te zijn geweest. Film gekeken. Kerst en Oud en Nieuw gevierd. Quiz avonden. Spontane feestjes. Chill avonden. Zulke goede herinneringen! Lewis, onze baas maar ook een vriend. Werk en privé gescheiden, maar ook zo verweven. Hij is de enige die me ‘Marjorie’ noemt en verder hebben de jongens me omgedoopt naar ‘Margie’. Een baas die eraan gewend is geraakt dat ik standaard 5 tot 10 minuten te laat kom en een koffie voor me gaat kopen in plaats van iets te zeggen over de tijd. Nou ja soms dan. Soms worden de jongens er wel chagrijnig van, niet dat het ooit geholpen heeft me op tijd te laten komen.

Oh het werk. Het hele team is geweldig. We hebben een fantastische winter en zomer gehad. Nu gaan er zoveel vertrekken. Tijd om door te gaan. Maar wat hebben we een ontiegelijk goede tijd gehad! En wat heb ik door het werk onvergetelijke dingen gedaan en gezien! Helicopter vluchten, canyoning, rafting, riverboarding, jetboaten, paragliding, hanggliding, Bungy jump, de grootste swing ter wereld, skydive, wijn tour, Milford Sound, Doubtful Sound, scenic flights, paardrijden, hotpoools en ga maar door. Ik heb zo’n geluk gehad met deze baan. Ook persoonlijk heeft het me ontwikkeld tot wie ik ben geworden. En ik heb vriendschappen voor het leven gemaakt!

Queenstown een dorpje waar je zo makkelijk in vast komt te zitten. Er is zoveel te ontdekken, zoveel te doen en je kent iedereen. Maar binnen een paar minuten rijden zit je midden in de natuur, geen mens te bekennen. Omringd door bergen, glaciers en water. Koeien, schapen, honderden schapen, paarden en varkens. Bobs Cove waar je heerlijk ik de zomer kunt picknicken en bij de steiger kunt zwemmen. Moke lake om een rondje te lopen of te kamperen. Wye creek, een korte maar schitterende hike. Queenstown Hill, direct achter ons huis. Wanaka op een uurtje rijden afstand. En mijn favoriete dorpje is toch wel Arrowtown, elk gebouw daar is een historich monument.

En er zijn zoveel restaurants, coffee tentjes en natuurlijk Ferg Burger. Al is het ook zo heerlijk om gewoon lekker aan het meer te zitten alleen of met een groep vrienden.

We hebben zoveel gefeest in Queenstown. Het is moeilijk om een nachtje thuis te blijven want er zijn altijd mensen uit. We hebben verschillende festivals meegepakt zoals Carl Cox, Rhythm and Alps, Kings Beast. En niet te vergeten Sunday Sesh in Surreal. Geweldige feesten en je eigen clubje mensen om je heen.

Oh Queenstown. Ik ben zo gehecht geraakt aan alles en iedereen. Zelfs de bekende gezichten van de postbode die kaartjes komt brengen en de caissière in de supermarkt. Onze Hank de Tank, de auto die we gehad hebben en ons nooit in de steek heeft gelaten (op één klapband na).

Hoe kan ik dit ooit achterlaten. En hoe kan ik er ergens ook zo aan toe zijn om door te gaan.

Ooit ben ik vertrokken om voor 8 maanden te gaan reizen. Wie had gedacht dat het een avontuur zou worden die bijna 3 jaar zou duren? Deze jaren zijn zo nodig geweest om te worden wie ik nu ben. Mijn vleugels zijn uitgestrekt, de wereld gereisd, culturen ontdekt, de vrijheid omarmd.

Nu is het tijd om terug naar huis te gaan. Al weet ik nog niet waar thuis zijn zal.

Het inpakken is begonnen

Opstaan en een ontbijt maken. Het uitzicht vanuit de woonkamer zo mooi, zo mooi! Broodtrommel in de hand, sporttas in de andere hand en daar gaan we. Het is maar 4 minuten lopen van huis naar werk, maar het duurt altijd langer doordat er altijd iemand voorbij komt die je kent. Een goedemorgen, een knuffel en een zwaai en dan begint de werkdag weer.

Zo gesetteld. Queenstown is mijn thuis. Ik heb echt een stabiel leven hier met een fulltime baan en een prachtig huis. Ik heb heel fijne vrienden en zoveel bekenden die hier wonen. Ik ga een paar keer per week naar de sportschool. We doen wekelijks boodschappen en koken vegetarische gerechten en voornamelijk zelf alhoewel we proberen minstens één keer per week uit eten gaan.

Hoewel je het niet zou zeggen, is het toch echt al meer dan een jaar geleden dat ik vakantie heb gehad. Het afgelopen jaar heb ik geen één keer vrij genomen. Toch voelt het leven hier zoveel vrijer aan! Ik ben twee keer terug gevlogen naar Mount Maunganui, maar dat was in de twee vrije dagen die ik had. En de roadtrip door het zuidelijke gedeelte van Nieuw Zeeland ook! 40 tot 50 uur werken per week, één of twee vrije dagen per week, een jaar lang geen vakantie en toch zo een vrij leven hebben!

Het moment aangebroken om weer door te gaan. Niet omdat ik er klaar voor ben, niet omdat het hier niet meer fijn is, niet om de een of andere reden… Gewoon, omdat het goed is om uit je comfortzone te komen en om weer door te gaan.

De auto is verkocht en Wouter heeft al onze winter kleding en de spullen die we willen bewaren mee naar Nederland genomen. Langzaam maar zeker maken we ons gereed om te vertrekken. Langzaam probeer ik me stukje voor stukje los te weken uit dit fijne, vertrouwde, stabiele leven. Het voelt alsof er met elk stukje wat ik loslaat een nieuwe barst in mijn hart komt.

Loslaten is iets waar ik niet goed ik ben. De vriendschappen die hier opgebouwd zijn, zijn zo echt, diep en hecht geworden. Onze eigen vrienden groep, allemaal verschillende leeftijden maar dezelfde leefstijl. We hebben elkaar zo nodig en hebben elkaar zo lief. Een ontbijtje hier, koffietje daar. Met elkaar dineren, thuis of in town.

De wereld is klein geworden en mijn leven verrijkt. Een tijd om te komen en een tijd om te gaan. Nu moet mijn hele leven wat hier is opgebouwd weer ingepakt worden in één backpack. Oh, wat hou ik van dit leven hier. Wat ben ik van de bergen gaan houden! Queenstown, het kleine dorpje tussen de bergen aan het meer… Ik heb de mensen en deze plek in mijn hart gesloten.

Nog geen maand meer… En dan is het mijn tijd om weer te gaan.

Of ik er klaar voor ben, weet ik nog niet.

Toch gaan we weer door.

Ohhhh Queenstown ik heb zo lief

Kameleon

Ik heb over stranden, bergen, kraters en door grotten en regenwouden gelopen

Mij gewassen in zeeën, meren, bubbelbaden en watervallen.

Ik heb in auto’s, hostels en huizen gewoond

In tenten, hangmatten, boten en op de grond geslapen

Ik heb kangoeroe, buffel en krokodil gegeten

Ik ben vegetarisch geworden

Ik heb naar koala’s, quokka’s en wombats gezocht

Voor haaien en spinnen de benen genomen

Ik heb gefeest, gereisd, gewerkt en verzorgd

Verantwoordelijkheden genomen, ontlopen en gedragen

Ik heb me als nomade, moeder, cupido en psychologe geïdentificeerd

Een balans gezocht tussen minimale plichten en maximale vrijheid

Ik heb backpackers, miljonairs, kinderen en ouders leren kennen

Gesprekken gevoerd met kortzichtigen, ruimdenkenden, ambtenaren, boeren en studenten

Ik heb aan het gezins-, boerderij- en bedrijfsleven deelgenomen

Gewerkt in restaurants, hostels, en reisbureaus

Gezweet op het strand, de outback en in nachtclubs

Ik heb met cowboys, prinsessen, koeien en paarden gewerkt

Tours, festivals en bruiloften bijgewoond

Ik ben gewaardeerd, gebruikt, bedankt en betaald

Met open armen ontvangen en uit verkeerde handen ontsnapt

Ik heb geleerd over culturen, automechaniek, verkooptechnieken en mezelf

Mijn beste beentje voorgezet en steken laten vallen

Ik heb vrienden voor het leven gemaakt en mensen gemist

Kennisgemaakt, gekoppeld, gehecht en afscheid genomen

Ik heb harten veroverd en het mijne verloren

Scherven achtergelaten en de restjes aan elkaar gelijmd

Een muur opgetrokken en kwetsbaar opgesteld

Ik heb de tijd zien vliegen en de minuten geteld

Arm in bezittingen en rijk in ervaringen geworden

Ik heb mijn dromen werkelijkheid zien worden en kapot zien gaan

Gelovig geweest en mijn geloof verloren

Ik ben mezelf tegen gekomen en voor mezelf weggelopen

In een utopia geleefd en met beide voeten op de grond gezet

Ik heb plannen gewijzigd, gemaakt en geannuleerd

Mijn route gevolgd en een andere afslag genomen

Reismoe geweest, maar ik heb de reislust (nog) niet verloren

Ik ben mezelf geweest, ben mezelf gebleven en heb mezelf gevormd tot wie ik nu ben

Ik heb mijn kleuren getoond en ik ben mijn kameleon gebleven

———————————————————

Blog geïnspireerd door ‘She’ll be apples’

Terug naar Toen

De zon, de zee, de zoute zilte lucht. Puur geluk. Blote voeten, het zand tussen mijn tenen voelen. Niet douchen als ik wakker wordt, maar een bikini broekje aantrekken en naar het strand lopen. Het water boven me voelen sluiten om lachend weer boven te komen. De geur van zonnebrand crème, het gelach, de muziek, krijsende zeemeeuwen.

Maandag was ik nog gewoon aan het werk om om vijf uur op een holletje naar huis te gaan. Tas inpakken, een biertje in de tuin, eten en bijna te laat aankomen op het vliegveld. Het heerlijke vakantie gevoel maakt zich gelijk van me meester. Ik heb alleen een tasje mee, met een handdoek, bikini, korte broek en twee topjes. Oh en een boek. Dat is het en het voelt heerlijk om zo licht gewicht te kunnen reizen. Het vliegtuig stijgt op en ik laat Queenstown achter me.

Na drie uur rijden kom ik aan. Het is inmiddels 2u in de ochtend, donker en de straat is verlaten. Toch voelt het zo vertrouwd! Slapen doe ik haast niet, het is warm en ik kan niet wachten om alle lieve, bekende gezichten weer te zien.

De ochtend begint met knuffels in bed. De geur van koffie en toasted brood doet ons uit bed komen. Meer knuffels van oude bekenden en nieuwe mensen ontmoeten. Zoveel veranderd, zoveel hetzelfde. Ik verwen mezelf met een heerlijke brunch en slenter langs alle winkeltjes in de oh zo vertrouwde straat met palmbomen aan weerszijden.

Strand. Oh wat heb ik het gemist. Nog steeds zit iedereen een beetje links van het eilandje af. Ik plof neer in het zand, zonnebril op m’n hoofd en een boek in de hand. De jongens komen met hun surfboards het water uit. Water druppelt op de gebruine huid. We halen een ijsje en het geluksgevoel is compleet. Mensen sluiten aan en gaan er weer vandoor. De sfeer is zo ontspannen en relaxt.

Uit eten in het restaurant waar ik vorig jaar met zoveel plezier gewerkt heb. Bediend worden in plaats van te bedienen. Locals herkennen me en komen praatjes maken. Voor, hoofd en na gerecht en mijn glas wijn wordt herhaaldelijk bijgevuld. De voetjes van de vloer in de bar ernaast. Brew hospo night is nog steeds hetzelfde. Alles is nog steeds zo hetzelfde!

We eindigen de nacht in het hostel. Roezig, lachend, herinneringen ophalen en nieuwe herinneringen maken. We eindigen de dag met knuffels en vallen in een diepe slaap.

En zo komt er veel te snel een einde aan deze mini vakantie. We lachen, zonnen, klimmen de Mount, zwemmen en barbecuen. We hebben lief! We hebben elkaar lief, het leven lief en delen onze lieve voor de Mount.

De auto wordt gestart, een laatste groet en zwaai en we zijn weer onderweg naar een ander thuis ver van thuis. Het strand laten we weer achter, het vliegtuig stijgt op en een paar uur later maakt het uitzicht plaats voor besneeuwde bergtoppen.

Mount Maunganui. Was was het fijn!

Leef

De klanken van de muziek verspreiden zich door de ruimte. De was wordt opgehangen. Broeken met wijde pijpen, gekleurde korte topjes, handdoeken en onderbroeken. De geur van eten doordringt het huis, in de keuken wordt gekookt. Geritsel van een boekbladzijde wat wordt omgeslagen. Gegrinnik en gepraat. Ergens in huis slaat een deur dicht, iemand loopt naar binnen en iemand gaat naar buiten. Een kus, slaap lekker. Een knuffel en iemand die tegen me aan komt liggen op de bank. Ja… Dit is thuis.

Het leven gaat door, snel. Veel te snel. Het leven wordt geleefd. Er wordt gewerkt, gelachen en gedanst. We wonen met elkaar als een familie. Vanuit verschillende plekken over de wereld, samengekomen in het grote huis op de hoek. Het uitzicht over het meer is mooi, zo mooi!

We werken fulltime, allemaal. Ieder zijn eigen leven, maar toch ook zo samen. Een bakje koffie doen, winkelen, een roadtrip. Het is mooi weer dus de zon in. Het regent dus lekker binnen blijven. Uit eten, een fles wijn op de bank. Biertjes bij het meer. Zomaar rondrijden, zonder doel. Genieten! Intens het leven leven.

Een ticket geboekt, snel even tussendoor een vakantie. Mensen komen en mensen gaan. Altijd is er wel iemand die komt logeren. Er staat zelfs een permanente campervan in de tuin geparkeerd. De douche is vaak bezet, maar de deuren staan open. Wakker gemaakt worden omdat er een paar op je bed staan te springen. Of iemand die naast je komt liggen om even te kroelen. Een huissleutel is er trouwens niet, niets gaat op slot.

Ontelbaar veel auto’s op de oprit. Normale auto’s, stationwagen, campervans en een 4×4. Voor ieder zit er wel wat bij. Kleren worden aangetrokken, het favoriete truitje mist. Het kan overal zijn, want iedereen draagt elkaars kleren. De zon schijnt uitbundig, de regen komt met bakken uit de lucht.

Gesprekken, vele gesprekken. Wilde plannen en dromen. We vertrekken maar besluiten toch te blijven. Nog eventjes, heel eventjes langer genieten van en met elkaar. Het leven leven. Genieten, dansen, lachen, werken. Maar vooral, leven.

Een festival om de hoek. Glitters op de huid. De zon die ondergaat en een intense kus onder het maanlicht. Geluk waar geen einde aan lijkt te komen. We werken, genieten en leven. De rekeningen worden betaald, de eindjes aan elkaar vast geknoopt. Geen geld, maar toch een drankje gaan doen. En dan toch nog maar eentje.

Individuals, maar toch zo samen. Het plaatje is compleet, maar dan vertrekt er weer iemand. En dan komt er weer iemand bij. Een systeem wat maar door en door gaat.

We hebben een ding gemeen. We leven, we leven het leven. Intens! Genieten, werken, dansen en lachen. Ja, we leven het leven zoals het bedoeld is. Het leven is om geleefd te worden.

Oh ik mis het. Ik mis het zo

Het is er weer. De zomer komt er langzaam aan. En het verlangen en het gemis komt zo sterk naar voren. Zo’n steek in mijn maag. Ik zit op de bank. De openhaard geeft zijn warmte af en het hout knispert zachtjes. Op de toppen van de bergen glanst het laatste restje sneeuw zachtjes in het maanlicht. Ondertussen kijk ik filmpjes van hoe het twee jaar geleden was. Het liedje ‘a dream of you and me’ van Future Island staat op. De herinneren komen zo sterk op dat ik bijna de zee kan horen, het ruisen van de palmbomen, de geur ruik van de zoute zilte lucht.

Misschien komt het doordat de zomer er weer aan komt. Of omdat Cam en Aimee bijna vertrekken. Terug naar Engeland om familie te bezoeken en dan terug naar daar. Ik slik een grote brok weg. Kon ik maar terug. Had ik maar een tweede jaar daar, of was sponsorship zo makkelijk te verkrijgen als hier. Sonni gaat ook bijna weg hier. Ook hij gaat terug. Net als de jongens van Quest waar ik mee ging skiën afgelopen winter. Sommigen zijn er al.

Oh ik mis het. Ik mis het zo.

Ik ben zo gelukkig hier. Mijn baan is geweldig en het huis waar we in wonen is een thuis. De vriendenkring om me heen is heel erg fijn. Het voelt allemaal zo vertrouwd. De natuur hier is zo wonderlijk mooi. De bergen, de frisse lucht. De relaxte leefstijl en hoe layback de mensen hier zijn. Elke dag is het genieten. Maar ook in Australië. De zon, de heerlijke warmte. Het wakker worden en een douche ik de oceaan nemen. Op blote voeten lopen. Werken in losse zomerkleding en elke dag blote benen. Een zongebruinde huid, glanzend in het gouden licht van het kampvuur op het strand. De koffie tentjes en het gezonde organic eten. Fruit, overal fruit en elke avond een drankje doen bij het ondergaan van de zon terwijl de dolfijnen in de golven spelen. En de muzikanten overal op straat die zingen en spelen terwijl we winkelen in de meest hippe hippie boutiques.

Oh ik mis het. Ik mis het zo erg.

In Byron vond ik voor het eerst een echt thuis, naast mijn thuis in Nederland. Daar in Byron vond ik een droombaan. Een baan die ik nu nog iedere dag met zoveel plezier uitoefen. En ook daar, in de bar Cheeky Monkeys ontmoette ik m’n beste reis maatje ooit.

Maar soms, als ik dan weer filmpjes en foto’s zie van de paarden, de bergen en cowboys. De prairie, cowboy laarzen en boerderijen dan bevliegt me ook weer zo’n sterk verlangen om naar Canada te gaan. Dan begint alles te kriebelen om die kant van de wereld te gaan ontdekken. Een visum voor Canada. Skiën in Whistler en een zomer in Vancouver.

Mijn hart roept nog veel meer. Ik wil ook nog zo graag op vakantie naar Fiji, en Azië ontdekken. Naar Amerika, en Afrika. Ik wil zo graag mijn vrienden weer zien. Koffie met ze drinken en urenlang kletsen. Dansen en winkelen. Of gewoon lekker thuis zijn. Wakker worden in mijn oude kamertje. De trap aflopen en Jara op de deurmat zien liggen. De geur van verse koffie en het kraken van de krant. Een bakje buiten op het terras doen of bij oma in het achterhuis. Een jurkje aantrekken en op hoge hakken lopen. Klassieke muziek in de woonkamer en een glaasje amaretto met papa.

Ik vraag me alleen zo af…

Wat wil ik nu het liefste? Waar is mijn thuis en waar moet ik me dan toch settelen? Welke kant is het meeste ik, en waar leef ik het dichtste bij mijn ware ik?

Oh ik mis het. Ik mis het allemaal zo.